zaterdag, april 02, 2011

Ten Years After serveert tijdloze bluesrock

Het Centre Culturel René Magritte in het Waalse grensstadje Lessines kon vorige week vrijdag opnieuw uitpakken met een interessante affiche. De legendarische Britse band Ten Years After speelde er voor de tweede keer in een paar jaar tijd voor een bomvolle zaal doorwinterde fans van de betere bluesrock. Ten Years After, gesticht in 1966 en met de groepsnaam verwijzend naar Elvis Presley die de rock'n'roll tien jaar eerder in gang zette, treedt al bijna een decennium lang op in de originele bezetting minus zanger en gitarist Alvin Lee die zelf aan een solo carrière is begonnen. Lee wordt sinds 2003 waardig vervangen door de nieuwe stergitarist Joe Gooch die misschien vocaal iets minder uit de verf komt maar als instrumentalist toch dicht in de buurt komt van Lee. Gooch was weliswaar nog niet geboren toen de groep haar hoogtepunt bereikte met optredens eind jaren 60 en begin jaren 70 op onder meer Woodstock en The Isle of Wight. De band teert tot op de dag van vandaag voor eens stuk nog steeds op de naambekendheid die ze wist te verwerven via deze historische optredens en bewaard bleven dankzij diverse audio opnames en filmbeelden die dit momentum voor de eeuwigheid vastlegden. In Lessines kreeg een Waalse trio dat opereert onder de naam 'Cheap Killers' eerst de kans om zich langs hun beste (blues)kant te laten kennen. Zij kweten zich prima van hun taak en kregen daarvoor meer dan wat beleefdheidsapplaus.The Blues leeft nog in Wallonië, zoveel in duidelijk en laten we dit gegeven vooral meenemen tijdens de lopende communautaire gesprekken. We stelden overigens met plezier vast dat zowel Vlaamse als Waalse muziekliefhebbers zich prima thuis voelden in Lessines. Tegelijk een prima gelegenheid om spontaan met mekaar de dialoog op te zoeken. Leve België! Luid toegejuicht stappen de Woodstock veteranen wat later op de avond het podium op en barsten los met het welbekende 'I'm Coming On' dat meteen de toon zet. Wie gedacht had dat de groep more than forty years after Woodstock op sterven na dood was, moet zijn mening dringend herzien. De muziek die deze mannen brengen heeft nog steeds iets van klankgeworden vuurwerk. 'King of the Blues' bevestigt dit en de groep gaat verder op hetzelfde elan. Ten Years After brengt anno 2011 nog steeds bluesrock om duimen en vingers van af te likken. 'Hear Me Calling' (gespeeld in Bethel en later nog gecoverd door Slade) is ook zo'n sterk nummer dat deze band op zijn actief heeft staan en het licht psychedelische '50.000 Miles Beneath My Brain' trekt de geest van de Woodstock generatie helemaal naar zich toe. Ondertussen werpt de fijnbesnorde bassist en stichtend lid Leo Lyons zich een beetje op als de leider van het gezelschap en neemt als dus danig de meeste aankondigingen voor zijn rekening. De slepende blues 'Angry Words' waarin keyboardspeler Chick Churchill dankbaar met enkele riedelende solo's mag rondstrooien, behoort tot het meer recentere werk van de groep. Het daaropvolgende 'Big Black 45' drijft het tempo ineens weer op. Dit donderende, van pompende bas en fijne gitaarriffs voorzien nummer doet vaag denken aan een koppel dampende motoren die over een highway snellen. Tijdens 'The Hobbit' komt bandlid Ric Lee letterlijk en figuurlijk in de spotlights te staan om zijn kunstjes op het slagwerk te tonen. Afwisselend streelt en geselt Lee zijn trommels en bekkens dat het een lieve lust is, waarna hij achteraf zwaar bezweet het enthousiaste publiek uithijgend bedankt. Andere hoogtepunten volgen dankzij stomende versies van 'Love Like A Man', 'I'd Love To Change The World' (aangekondigd met verwijzingen naar wat er tegenwoordig in de wereld zoal gaande is) 'Good Morning, Little Shoolgirl' en natuurlijk het piece de résistance 'I'm Going Home'. Gitarist Joe Cooch blijft heel het concert lang sierlijk en geïnspireerd soleren zonder zijn ego teveel naar voren te schuiven. We kunnen ons voorstellen dat de overige groepsleden ontzettend tevreden zijn over de vervanger van boegbeeld Alvin Lee ook al mist Cooch wel een beetje het charisma van zijn voorganger. Het publiek schreeuwt en krijst om meer en krijgt dit in de vorm van het recentere 'Reasons Why' en de klassieker 'Choo Choo Mama' waarmede Ten Years After in schoonheid afscheid neemt. Na het concert blijken de sympathieke heren nog bereid om gewillig te signeren en/of op de foto te gaan met hun fans. Bedankt mannen en bedankt organisatoren van Lessines om dit feestje mogelijk te maken. (Shake)

vrijdag, maart 25, 2011

Een ijzersterk Beady Eye in de AB

Beady Eye speelde afgelopen dinsdag in de AB - tot spijt van wie 't benijdt - een magistraal concert. De mythe dat Oasis ooit zoveel was, houdt wat ons betreft weinig steek. De nieuwe groep van Liam Gallagher heeft het speelplezier teruggevonden en nummers als 'Beatles and Stones', 'The Roller', 'Millioniare' en vooral 'Bring The Light' komen live zelfs nog beter uit de verf dan op plaat. De kritiek dat er (te)veel inspiratie wordt gehaald bij groepen als The Beatles, The Stones en The Who is wat ons betreft zelfs een sterktepunt. Er wordt gezwaaid met termen als 'retrorock' maar als dat goede rock is, wat is dan het probleem? Dylan maakte misschien ooit retrofolk en Neil Young brengt zelfs af toe nog retro country en wie verwijt hen wat?
Als de zogenaamde progressieve Britpop het laat afweten is het misschien wijs eens achterom te kijken om zoals Beady Eye de zaak terug te laten knallen. (Meer foto's)

Shake

zondag, maart 20, 2011

Yael Naim etaleert wereldklasse

Yael Naim won enkele weken geleden de 'Victoire de la Musique', zeg maar de Franse Grammy voor beste vrouwelijke artieste en na haar magistrale concert in de AB begrepen we ook waarom. Helemaal een Française kan je haar echter niet noemen want Naim is weliswaar in Parijs geboren uit Tunesische ouders, maar na haar vierde levensjaar verhuisde ze naar Israël. Daar werd de jonge Yael in het Hebreeuws opgevoed en groeide ze op tot volwassen vrouw. Pas de voorbije jaren keerde Naim terug naar haar geboorteland Frankrijk en kreeg ze langzaam maar zeker wat bekendheid. Een meevaller op weg naar de roem was zeker het feit dat haar liedje 'New Soul' door Steve Jobs gekozen werd als soundtrack voor de commercial voor de nieuwe Apple MacBook Air. We waren dan ook zeer benieuwd naar dit concert.

Eerst maakten we nog kennis met Mariama, een uit Sierra Leone afkomstige, maar inmiddels in Keulen residerende zangeres, die voor de gelegenheid de avond mocht openen. Deze jonge, levenslustige artieste is gezegend met een aangename, soulvolle stem en brengt haar catchy songs in alle eenvoud op de akoestische gitaar. 'No Way' klonk alvast jazzy op een plezante manier en in 'Easy' stelden we met plezier vast dat deze zangeres vocaal heel sterk voor de dag kwam. Afsluiter 'Underground' noodde zelfs tot ritmisch meeklappen waardoor Mariama makkelijk de zaal op haar hand kreeg. De sympathieke jongedame had zich vast geen beter Belgisch debuut kunnen dromen.

Te midden van een speels decor waarin omgekeerde parasolletjes sfeervol oplichten verschijnt Yael Naim ten tonele. De zangeres begint sober maar intens met 'My dreams', een song uit haar schitterende cd 'She Was A Boy' die ze tijdens dit optreden praktisch integraal live zal performen. Toch kiest ze ervoor om als tweede nummer met een cover uit te pakken, het beklijvende 'Umbrella' (Rihanna) is een perfect excuus om vocaal flink uit te halen. Daarna wordt de sfeer wat luchtiger. Haar vierkoppige begeleidingsband waarin ook een paar Belgische muzikanten figureren
en die onder leiding staat van Naim's muzikale rechterhand David Donatien (cajon, drums, percussie) trekt op feestelijke wijze alle registers op in 'Come Home' met een groots meezingmoment van het publiek tot gevolg.

Daarna neemt Yael wat gas terug met het bluesy 'Never Change', opgeluisterd door schitterend werk op dobro en vocaal herinneringen ophalend aan Billie Holiday of recenter werk van Madeleine Peyroux.

Het geheel in het Hebreeuws solo gezongen 'Paris' verwijst uiteraard naar haar persoonlijke levensloop, waarna het diepsnijdende, aan de piano gebrachte 'Today' een filosofische reflectie markeert op het leven en de liefde van een vrouw die om zich heen kijkt en vaststelt dat vele dingen niet meer zo éénduidig zijn als verwacht.
'I Try Hard' draagt de zangeres op als een ode aan de diversiteit, die de angst voor het 'onbekende andere' kan overwinnen.

Daarna stort Yael Naim zich opnieuw met volle overgave in uptempo nummers.
Via een bruisend 'Go To The River', het flamboyante 'Mystical Love' en het van heuse vaudeville danspasjes voorziene 'Stupid Goal' uitmondend in een heuse jamsessie brengt zangeres & band heel de Ancienne Belgique op het kookpunt.

Het duurt even vooraleer de zangeres terug op adem komt om daarna nog ingetogen af te sluiten met de in Oosterse klanken gehulde prachtsong 'Man of Another Woman' en tenslotte het toepasselijke 'The Game is Over'.

Het laaiend enthousiaste publiek schreeuwt om meer en krijgt dit ook onder de vorm van wat we bijna zouden noemen speelgoedversies (met behulp van ukelele, klokkenspel, mini-pianootje, percussie, mandoline,...) van 'Puppet' en haar grootste hit 'New Soul'.

Dat Yael Naim flink op weg is een artieste te worden van wereldformaat is voor ons zonneklaar. Wie zich geroepen voelt om dit zelf eens met eigen oren en ogen vast te stellen verwijzen we graag naar de festivals 'Un Soir Autour du Monde' (Villers-la-Ville) of 'Couleur Café' (Brussel). A Splendid time is guaranteed for all! (Meer foto's)

Shake

maandag, februari 28, 2011

Suze Rotolo (1943-2011) R.I.P.

“Meeting her was like stepping into the tales of 1,001 Arabian nights. She had a smile that could light up a street full of people and was extremely lively, had a particular type of voluptuousness—a Rodin sculpture come to life. She reminded me of a libertine heroine. She was just my type.” - Bob Dylan about Suze Rotolo (1943-2011) (More Pics)

zondag, februari 27, 2011

Tony Joe White overtuigt met nieuwe songs en oude klassiekers

Net alvorens de Leuvense muziektempel een hele tijd zal sluiten omwille van broodnodige verbouwingswerken ontving Het Depot afgelopen dinsdagavond onze favoriete moerasvos, beter bekend onder de naam Tony Joe White. Iets meer dan twee jaar geleden stond de man op dezelfde planken in de bierstad en stelde toen zijn album 'Deep Cuts' voor. Intussen bracht White al twee aardige nieuwe schijfjes uit: een representatief live-album opgenomen in Amsterdam en een nieuwe studioplaat luisterend naar de naam 'Shine'. Vooral dit laatste album is één van zijn beste van de laatste jaren en dit maakte ons natuurlijk erg benieuwd naar het concert.

Een Leuvens duo dat opereert onder de naam Delvis mocht het publiek opwarmen en deed dit eerder matig met enkele geleende nummers van onder meer Nick Drake en Jeff Buckley. Misschien goed genoeg voor een bruin studentencafé maar hier schoot deze act toch helaas wel wat tekort.

Daarna duurde het een hele tijd vooraleer Tony Joe ten tonele verscheen. Eindelijk aangekomen nam de Amerikaanse singer-songwriter plaats op z'n stoeltje terwijl hij het publiek zoals gebruikelijk begroette met een aanstekelijk “How y’all doing?“

Gelukkig wordt het wachten ook beloond. De bluesman, in krek dezelfde outfit als twee jaar geleden, dus met zonnebril en cowboyhoed, steekt solo van wal met een aardedonker 'Way Down South', dat meteen ook letterlijk richting geeft aan het soort muziek waar deze man goed in is. Het daaropvolgende 'Roll Train Roll' dendert verder zuidwaarts op de tonen van White's oude Stratocaster, waarna onze man hulp en bijstand krijgt van een fantastische drummer die voor de rest van de avond perfect zal blijven begeleiden. De eerste droge mokerslagen in deze Black-Box-Revelation-formatie worden uitgedeeld tijdens 'Undercover Agent For The Blues' maar het is wachten tot de geweldige klassieker 'Roosevelt and Ira Lee' uit de luidsprekers barst vooraleer het publiek echt van zich laat horen.

White voelt zich ondertussen helemaal thuis in de Dijle moerassen en peddelt tussen oud en nieuw werk terwijl hij de kwaliteit constant hoog houdt. 'Season Man', een nummer uit 'Shine', waarin de gitarist vaak subtiele Knopfler-achtige streepjes uit z'n instrument plukt, blijkt zelfs een hoogtepunt. Dat kan ook gesteld worden over het meeslepende 'Tell Me Why', alweer een nieuwe song die alles heeft om het tot een TJW-klassieker te schoppen. Zij misstaan zeker niet tussen oudere bluesnummers als het mooie 'Tunica Motel' of het broeierige 'I Want My Fleedwood Back'.

De reguliere setlist sluit de Louisiaanse zanger af met prijsbeest 'Polk Salad Annie' om daarna, onder luid applaus, terug te keren voor nog twee toegiften: vooreerst een dampende versie van 'Lake Placid Blues' en tenslotte het onvermijdelijke stomende slotakkoord 'Steamy Windows' dat de laatste Leuvense ruiten met Zuiderse modder laat bedampen.

Prima concert dus van een man in vorm die maar al te goed beseft dat zijn nieuw werk gerust de vergelijking met zijn klassiek geworden materiaal kan doorstaan. De muziek die Tony Joe White live brengt staat onmetelijk ver weg van hoe muziek dezer dagen commercieel dient te klinken, maar is net daarom zo authentiek. We blijven Tony Joe White koesteren, tot in de eeuwigheid. Amen! (Meer foto's)

Shake

donderdag, februari 10, 2011

Richard Thompson speelt gitaarheld in de AB

Ik mag mezelf zeker geen Richard Thompson kenner noemen (ook al zag ik de man al een paar keer live aan het werk). Toch geraakte ik ook nu weer sterk onder de indruk van 's mans passage in de AB afgelopen maandag. Vooral het verbluffend gitaarwerk waar Richard virtuozen als Eric Clapton naar de kroon stak maakte diepe indruk. De Brit koos overigens tijdens de meeste songs voor de elektrische gitaar en dat konden wij alleen maar toejuichen (ofschoon de akoestische Richard ook niet te versmaden is natuurlijk). Bij de bandleden droop het speelplezier ervan af, net zoals bij hun hoofdman overigens, die de hele avond bijzonder goed gemutst (of beter 'gebarret') musiceerde.

Weinig bekende nummers in de set, behalve dan 'I Want To See The Bright Lights Tonight' aan het eind van het concert. Maar toen had Thompson de wedstrijd met zijn publiek al lang gewonnen. Een trouw publiek zo bleek, dat bijna volledig bestond uit harde fans, sommigen al van het eerste uur. Wedden dat minstens 75 % van de aanwezigen volgende keer terugkeert om ook het volgende concert van dezer unieke artiest mee te maken? (Meer foto's)

Shake

woensdag, februari 09, 2011

Arbeid Adelt: het onvoltooid verleden van 'Jonge Helden'

Arbeid Adelt!, de groep rond Marcel Vanthilt, mocht afgelopen vrijdag in de Ancienne Belgique aantreden om hun debuutalbum 'Jonge Helden' uit 1983 live te performen. Een unieke gebeurtenis zowaar die kaderde in de fameuze Rewind-reeks van de AB waarin Belgische artiesten de kans krijgen hun klassieker (vaak een meesterwerk of een mijlpaal binnen de Belgische popgeschiedenis) integraal uit te voeren.

Daar 'Jonge Helden' historisch gezien een mini-Lp was die slechts 23 minuten duurde diende aan het programma nog een tweede deel te worden gevoegd, namelijk een deel waarin de groep kon uitpakken met alle grote hits uit hun (niet zo heel lange) carrière en dit alles aangevuld met een paar nieuwe nummers.

Maar eerst mochten onze al iets rijpere helden Marcel Vanthilt (alias Max Alexander), Jan Van Roelen (alias David Salomon) en Luc van Acker hun tanden zetten in de zeven nummers die hen 28 jaar geleden met één klap op de kaart brachten van de Belgische new wave scene.

Opener 'Ik Sta Scherp' deed zijn naam niet meteen alle eer aan. Frontman Marcel deed net iets te goed zijn best om zichzelf een houding te geven, maar zonnebril en ruitjespak volstonden aanvankelijk niet om voldoende geloofwaardig in de huid van Max Alexander te kruipen. Het titelnummer 'Jonge Helden' kwam al iets beter uit de verf. En na 'Roodborstje', het niemendalletje van amper 30 seconden, stipten we 'De Man Die Alles Noteert' als eerste voltreffer aan.

De drummachine van weleer bleek vervangen door een iets hipper ogende apple-laptop waaruit Jan Van Roelen zware electrobeats putte. Daarnaast bediende Van Roelen zich van een Roland synthesizer al zagen we hem het liefst aan het werk op de sax, waaruit hij allerlei snerpende stadsgeluiden wist te persen. Gitaarmeester Luc Van Acker kwam op zijn beurt verrassend origineel uit de hoek en klonk in eerste plaats helemaal als zichzelf. Samen produceerde AA! een onderkoelde sound, schijnbaar ontsnapt uit de jaren '80 die experimenteel maar tegelijk toch ook wel wat gedateerd klonk. Avant-garde après la lettre, zeg maar.

Tijdens de drie laatste songs van 'Jonge Helden' ('Capita Selecta', '65+' en 'Het Meisje Van Mijn Hart') vond Vanthilt pas echt zijn goede draai (een driekwart pirouette) en kreeg de zanger zijn oude charisma terug. Voor we het goed en wel beseften was het eerste deel echter al voorbij.

Na de pauze trakteerde het arbeids-adellijke triumviraat ons op wat oude videobeelden van zichzelf die het eerder flauwe ' Ja Ja Ja Op Naar De Nieuwe Dimensie' wat extra glans moest geven. Tevergeefs want de film was beter dan de soundtrack. Het was wachten op de eerste echte AA! hit met de onsterfelijke lyrics “Hoe heerlijk de weemoed / Het bier, het verdriet / De stroom waarin de Vlaming zijn leven vergiet / Niet liggen op jouw rug / Lekker Westers.” eer het publiek opnieuw wakker werd.

'Half Vijf', een nieuw geslaagd nummer, hield onze interesse hoog en even later liet Marcel zijn meegereisde gasten op de menigte los. Eerst mocht rock-icoon Willy Willy 'Congostroom' van extra gitaarondersteuning voorzien en daarna was het de beurt aan Dani Klein om vocaal te komen ondersteunen in 'Stroom', het nummer waarin Vanthilt zich als een feestelijke flitspaal vermomde.
Na de minder geslaagde Monkies cover 'Steppin' Stone' viel het zwarte doek achteraan het podium naar beneden en verschenen op de stellingen een twintigtal leden van de Gentse Symphonic Band, onder leiding van een zekere Luc Van Acker (geen familie van de gitarist). Daarnaast gooide Marcel & C° er nog een achtergrondkoortje tegenaan.

Het geluid werd meteen een stuk voller, toegankelijker maar tegelijk ook commerciëler. Geen spoor meer van dat hoekig jaren '80 geluid, hier werd de kaart van het entertainment getrokken. Resultaat was wel dat het publiek zich een stuk beter leek te amuseren en ook wij moeten eerlijk toegeven dat de formule toch wel werkte.

Na nummers als 'Nergens Heen', 'Spannend' en 'Hond' volgde onvermijdelijk 'De Dag Dat Het Zonlicht Niet Meer Scheen', de flink meegebrulde ideale afsluiter natuurlijk. Arbeid Adelt! kwam nog éénmaal terug met 'Disco Death' en dan was het feestje voorbij. Al bij al toch een blij weerzien met naast enkele mindere momenten toch ook wel flink wat hoogtepunten.

Een honderdtal geïnteresseerden luisterden daarna nog naar een interview met de drie AA! leden in de AB CLUB. Daar verstonden we tussen de regels door dat de groep wel zin heeft in nog meer optredens ("we hebben die vierentwintig songs nu toch al vanbuiten geleerd"). Toegegeven, het zou inderdaad jammer zijn moest deze avond nu het definitieve einde betekenen van de groep. Marcel, Jan & Luc dachten er echter niet aan om dit AB concert als live cd uit te brengen, bijvoorbeeld als promotie voor volgende optredens. Neen, de ambitie reikte veel hoger: "Waarom geen "Live in Madison Square Garden" uitbrengen? Of neen, sterker nog, waarom geen: "Live in de foef van Natalia!?" Terechte vragen die ons toch nog enige tijd bezighielden. Indien u het antwoord weet mag u ons een gele briefkaart sturen. (Meer foto's)

Shake

woensdag, januari 26, 2011

Hannelore Bedert of de triomf van de verloren liefde

De AB Club deed vrijdagavond dienst als de uitgelezen setting voor de cd-voorstelling van "Uitgewist", de fel bejubelde tweede plaat die Hannelore Bedert in nog geen drie jaar tijd uitbracht. Live trad de West-Vlaamse aan met een vijfkoppige band waarin we meteen de Gentse gitarist Thomas Vanelslander (Raymond vh Groenewoud, Arno...) herkenden. Naast dit bekende gezicht maakten ook twee strijkers, een drummer en een bassist deel uit van de groep, terwijl Bedert zich afwisselend van akoestische gitaar, keyboards en piano bediende.

Hannelore opent zeer sterk met 'De Kloten', tevens het eerste nummer op haar nieuwe plaat. Uiterst geconcentreerd en met de ogen toe bezingt ze een stukgelopen liefde alsof ze die bekijkt in een achteruitkijkspiegel, tegelijk wetende wat ze toen nog niet wist. De reflectie klinkt uiterst gevoelig, maar inzicht in het verleden brengt troost, maakt zelfbeklag overbodig en het afscheid definitief.

Een ontstemde gitaar zorgt even voor wat roet in het eten, maar wanneer 'In Uw Buurt' uiteindelijk toch losbreekt (heerlijk creatief gitaarwerk van Vanelslander) ontpopt ook deze song zich tot een pareltje. 'Koffie' introduceert de zangeres als een liedje opgedragen aan een ex-geliefde. Wanneer ze mekaar een tijdje na het eind van hun relatie opnieuw ontmoeten, schenkt de man haar koffie met melk, terwijl zij koffie al heel haar leven zwart drinkt. Het zegt wel wat over hun relatie, meent Hannelore en wie verder luistert begrijpt het helemaal.

'Met uw ogen toe' grijpt terug naar haar eerste cd ('Wat als'). Bedert brengt het nummer aan de vleugelpiano. Het bijkomende viool- & cello-arrangement laat het nummer helemaal openbloeien. Opnieuw weet de zangeres met de wondermooie stem ons tot diep in de ziel te raken.

Hannelore's teksten klinken meestal direct en natuurlijk als spreektaal die wij dagelijks gebruiken, maar er gaat tegelijk een grote poëtische kracht van uit. Het valt verder op hoe spaarzaam, maar tegelijk hoe effectief zij bijvoorbeeld met rijm omgaat. Klasse!

Daarna kan het West-Vlaamse tussendoortje 'Janker' op veel bijval van het publiek rekenen, net als 'Vocabulaire' overigens. Leuk, ook al zijn het niet meteen Hannelore's beste songs.

Dan liever 'Niemand', een aangrijpende afrekening met een gewezen (harts)vriendin en/of liefdesrivale (?) in de vorm van een reeks pijnlijke retorische vragen. Elke vraag snijdt telkens weer dieper in de wonde tot er van de ander weinig meer overblijft dan een hoopje verdriet. Om de morele overwinning nog wat meer glans te geven sluit Bedert deze song af als een tennisspeelster die de cruciale dubbele ace slaat: "Wil U wat medelijden? Zal ik het in een zakske steken?" Game, set, match: Miss HB!

Ook vree schoon: 'Onze Vader', een nummer dat Hannelore lang geleden schreef voor haar moeder wanneer deze op een bepaald moment zwaar ziek was, terwijl ze de titel van dit liedje toch aan haar vader schonk.

In het erotisch geladen 'Loeihard' profileert Bedert zich als een vrouw die weet wat ze wil, ook al verandert dit in wezen elk moment. Het liefst wil ze eigenlijk alles (en vooral datgene wat ze nog niet heeft). Listig weet deze straffe madame echter haar doel te bereiken als een eigentijdse Eva, vallend voor iedere bekoring, terwijl ze tegelijk zelf het spel bepaalt.

Het akoestisch gespeelde 'Helden' sluit de reguliere setlist af. Maar het publiek schreeuwt de zangeres geheel terecht terug de planken op.

Tijdens 'Uitgewist' trekt ze dan letterlijk en figuurlijk de stekker uit. Samen met haar bassist brengt ze het nummer zonder microfoons of verder enige andere versterking, omdat dit volgens haar de enige juist manier is om deze song te spelen.

De (verloren) liefdes die Hannelore bezingt zijn als waterdruppels, gevangen op de draden van een web. Aanvankelijk levert het een mooi spektakel op, maar wanneer de druppels te zwaar worden is er geen houden meer aan en spatten ze één voor één onherroepelijk stuk. Op liefde zit een houdbaarheidsdatum lijkt misschien de boodschap en wie dit ontkent moet de schimmels maar wegsnijden. Tijdelijkheid, vergankelijkheid van de liefde en het definitieve afscheid hieraan gekoppeld zijn sterk terugkerende thema's in het werk van Hannelore Bedert.

Dit is ook het geval voor het bloedmooie 'Feest' dat lijkt op te roepen om te genieten in het hier en nu, ook al zien we de bui van morgen reeds hangen. In de schone schijn van vandaag beseffen we nu al -vergeef me de woordspeling- het betert nooit.

Het West-Vlaamse 'Au Revoir' mag enige ogenblikken lang lekker scheuren en haalt nog eens het beste uit Hannelore's begeleidingsband naar boven. Overigens verdienen deze muzikanten ieder een vette pluim, niet in het minst omdat ze zich volledig ten dienste stellen van de songs, terwijl zijzelf vaak in de schaduw staan. Leuk ook om te zien hoe Hannelore lacht en zelf intens geniet van dit optreden.

Het ultieme slotmoment volgt daarna met misschien wel het mooiste nummer uit haar debuutplaat, dit keer solo gebracht aan de vleugelpiano. In 'Altijd Nooit Meer' worden de laatste banden met de (ex)-geliefde definitief doorgeknipt, terwijl de zangeres finaal alle opgekropte woede uitschreeuwt. Briljant!

Enig geldend besluit: in het Nederlandstalig taalgebied kent Hannelore Bedert momenteel haar gelijke niet. Haar liedjes gaan op een doodeerlijke manier over wezenlijke dingen als menselijke relaties, liefde en hoe die soms verloren gaat, zonder dat deze ergens de platgelopen paden van de gebruikelijke clichés raken.

De kans dat Bedert ooit sportpaleizen zal vullen is gering, maar mogelijk verovert ze wel uw (muzikaal) hart. Laat daarom geen kans voorbij gaan om een optreden van deze bijzondere zangeres mee te maken. Beslist een ervaring die nooit uitgewist zal geraken. (Meer foto's)

Shake

dinsdag, januari 25, 2011

Dionne Warwick introduceert David Elliott

Enkele weken geleden gezien in Hasselt: Dionne Warwick, de Amerikaanse zangeres die vooral bekend staat omdat ze wereldnummers van Burt Bacharach / Hal David de geschiedenis in zong. De grote souldame is inmiddels 70 geworden en haar stem is met de jaren een stuk dieper gaan klinken. Maar kijk, ze heeft zich hieraan aangepast en we hebben best genoten van klassiekers als 'Walk On By', ' Do You Know The Way To San Jose', ' I Say A Little Prayer', 'Alfie', 'Don't Make Me Over', 'Anyone Who Had A Heart'... Sommige nummers bracht Warwick in een geheel ander arrangement, anderen leunden dichter bij het origineel aan. Op het podium stond naast een sterke begeleidingsband ook haar oudste zoon David Elliott die Warwick al enige tijd meeneemt op tournee en die tijdens ieder optreden als opener van haar show mag opereren. Deze laatste is volop het vak aan het leren, bezit een goede stem maar schiet voorlopig toch nog enkele lengtes te kort om echt brokken te maken. In duet met zijn moeder lukte de formule (soms) wel. Toch wensten we bij momenten stiekem dat we Dionne met Barabas' teletijdsmachine terug konden flitsen naar de tijd toen ze dezelfde leeftijd als haar zoon had. Maar helaas, time waits for no one, ook niet voor de allergrootsten.
Kort samengevat: misschien niet het allerbeste optreden dat we de laatste maanden zagen, maar toch eentje waar we blij om zijn dat we het meemaakten. Het respect voor de carrière van Dionne Warwick is alleen maar gegroeid. Soul zangeressen als deze maken ze immers helaas nog zeer zelden.

Shake

zondag, januari 16, 2011

Imagine Toots: 88 and still going strong

Toots Thielemans kon in de Antwerpse Roma twee avonden op rij op meer dan voldoende belangstelling rekenen van een zeer divers publiek dat bestond uit mensen van werkelijk alle leeftijden. Het werk van onze muzikale baron en nationale trots is dan ook zo universeel en tegelijk zo uniek dat het nog steeds jong en oud blijft aanspreken. We zouden in dit verband misschien best een oude slogan kunnen recycleren: 'Nobody plays Toots like Toots'. Voor ons was het alweer de derde keer in negen maand tijd om Thielemans in ons land te zien optreden. In Antwerpen kozen we voor de tweede avond en de portier van de Roma die den Bompa met z'n mondmuziekske al een dag eerder had zien optreden, verzekerde ons dat Toots in bloedvorm verkeerde. Het maakte ons benieuwd.

Het Toots Thielemans Quartet bestond dit keer verder uit Karel Boehlee (piano), Clemens van der Feen (contrabas) en Joost van Schaik (drums). "Ik ben hier den enigste Belg in da groepke", grapte onze jazzveteraan verwijzend naar zijn Nederlandse muzikanten, alsof hij het zelf nog maar pas doorhad. "Enfin, ik ben feitelijk nen American-Belg", voegde Toots er grinnikend aan toe.

Die Amerikaanse spirit kwam meteen tot uiting in de Gershwin Medley 'I Love You, Porgy' en de daaropvolgend zwaar hertimmerde versie van 'Summertime'. Het viel meteen op hoe Toots zich vanaf het begin als een echte 'leader' profileerde en zijn muzikanten verbaal en niet verbaal veel maar vooral positieve aanwijzingen gaf. Fijn om te zien ook hoe hij deze manier van coaching, tot zichtbaar genoegen van zijn muzikanten, heel het concert volhield. En dit is slechts één van de vele bewijzen van de grootsheid van deze unieke artiest, zowel op muzikaal als op menselijk vlak.

Ondertussen bouwde Toots zijn set thematisch op als een soort persoonlijke biografie. Eerst kwamen de grote collaboraties aan bod. Na Paul Simons 'I Do It For Your Love' verwees de bewerking van Phil Markowitz's 'Sno' Peas' naar Thielemans' samenwerking met de grote Bill Evans. Tijdens dit laatste nummer kreeg Van Schaik overigens, onder goedkeurende blikken van zijn Meester, ruimte voor een eerste gesmaakte drumsolo.

Daarna kregen we sfeervolle uitstapjes naar de Braziliaanse muziek die Toots al decennia lang nauw aan het hart ligt, voorgeschoteld. Antonio Carlos Jobim's 'One Note Samba' volgde op het tropische 'Começar De Novo', een song die Thielemans zelf vaak heeft (her)opgenomen.

Daarna diepte onze mondharmonica gigant herinneringen op aan zijn beste filmmuziek. Het prachtige 'Midnight Cowboy' bijvoorbeeld, gecomponeerd door de Britse topcomponist John Barry, dwarrelde frivool voorbij en daarna volgde het mooie thema van de Nederlandse film 'Turks Fruit' (Rogier van Otterloo). Het filmisch drieluik kreeg afsluiting met Toots interpretatie van 'Somewhere over the Rainbow'.

Op het instrumentale spel van Thielemans zit na al die jaren nog geen sleet. Wanneer we even onze ogen dichtknepen riep het muzikale spel dat Toots uit zijn mondharmonica toverde bijna filmische beelden op van bijvoorbeeld een deltavlieger die majestueus door de lucht klieft, stijgt en daalt op de golven van de wind en dit alles in een universum van klankgeworden poëzie.

Onze jazz virtuoos kon natuurlijk ook onmogelijk om zijn eigen gecomponeerde nummers heen. Het zalige 'Waltz for Sonny' dat we eerst te horen kregen, omschreef Toots als 'het nichtje' van zijn alltime masterpiece 'Bluesette' dat hierop volgde. Tijdens dit laatste pareltje haalde van der Feen zijn strijkstok boven en herhaalde het thema op zijn contrabas. Mooi!

Als introductie tot John Lennons 'Imagine' vertelde Toots één van zijn allerbeste anekdotes uit zijn rijke professionele carrière. In het gezegende jaar 1964 ontmoette onze nationale jazzheld The Beatles in New York. Lennon stapte dadelijk op Toots af en sprak: 'Hey, you're that man with the Rickenbacker guitar' en ging met hem in gesprek.

Het was namelijk zo dat John Lennon in de late jaren vijftig een magazine in handen kreeg waarin Thielemans poseerde met zijn gloednieuwe 1958 Rickenbacker 325, een model waarvan Lennon er meteen zelf één kocht. Toots Thielemans speelde in die jaren elektrische gitaar in de band van de populaire Brits-Amerikaanse pianist George Shearing. Doelend op de Rickenbacker vertelde Lennon tijdens het gesprek met Toots over de motivatie die tot de aankoop van de gitaar had geleid die later mee de sound van The Beatles zou bepalen: "If it's good enough for Shearing, it's good enough for me".

Afsluiten deed Toots Thielemans in stijl met een recentere eigen compositie als eresaluut aan zijn aanwezige echtgenote Huguette: 'For My Lady'. We moesten achteraf de plaatselijke portier absoluut gelijk geven. Toots Thielemans verkeert in januari 2011 in bloedvorm. De volgende weken speelt hij in Rijkevorsel, Eindhoven, Düsseldorf, Oostende, Boston, Washington en New York. Ga zeker kijken als je in de buurt bent. (Meer foto's)

Shake

donderdag, december 30, 2010

Eindejaarslijstjes

CD TOP 10

1. FANFARLO - RESERVOIR
2. LEAVE YOUR SLEEP - NATHALIE MERCHANT
3. ROBERT PLANT - BAND OF JOY
4. ELVIS COSTELLO - NATIONAL RANSON
5. ED HARCOURT - LUSTRE
6. LOCAL NATIVES - GORILLA MANOR
7. FISTFUL OF MERCY - AS I CALL YOU DOWN
8. THE CHIEFTAINS & RY COODER - SAN PATRICIO
9. MARC ALMOND - VARIETE
10. JERRY LEE LEWIS - MEAN OLD MAN

Buiten categorie: SIGNATURE BOX - JOHN LENNON

TOP 10 - CONCERTEN

1. PAUL McCARTNEY - RDS ARENA (DUBLIN)
2. FANFARLO - AB CLUB (BRUSSEL)
3. LEONARD COHEN - SINT-PIETERSPLEIN (GENT)
4. NATHALIE MERCHANT - AB (BRUSSEL)
5. U2 - STADIO OLYMPICO (TORINO)
6. MELODY GARDOT - RIVIERENHOF (DEURNE)
7. NORAH JONES - VORST NATIONAAL (BRUSSEL)
8. KASABIAN - AB (BRUSSEL)
9. WILLIE NELSON - AB (BRUSSEL)
10. STEVE MILLER - LOTTO ARENA (ANTWERPEN)

zaterdag, december 25, 2010

Myrna Smith (The Sweet Inspirations) overleden

Gisteren, op kerstavond, is Myrna Smith in een ziekenhuis in Los Angeles overleden. Ze had reeds enige tijd last van een nierkwaal. Smith werd 69 jaar oud.

De uit New Jersey afkomstige Myrna Smith was samen met Cissy Houston en Estelle Brown lid van 'The Sweet Inspirations'. In 1967 scoorden ze een wereldhit met het gelijknamige nummer. Als een subliem soulvol backup trio werkte de groep samen met onder meer Wilson Picket, Aretha Franklin, Solomon Burke, Van Morrison en Jimi Hendrix. Maar 'The Sweets' zullen vooral in het geheugen blijven als de vrouwelijke achtergrondzangeressen van Elvis Presley, die vanaf 1969 tot aan zijn vroegtijdige dood steeds aan de zijde stonden van The King. Dit was niet alleen het geval tijdens meer de dan duizend concerten die ze samen deden maar ook tijdens verschillende opnamesessie waren The Sweets telkens van de partij. Luister bijvoorbeeld eens naar het uitstekende album (en dvd) 'Elvis: That's the Way It Is' en je wordt gegrepen door de fantastische backings die The Sweet Inspirations hierop voorzien.

Elvis Presley had een speciale vriendschappelijke band met Myrna die hij niet alleen verwende met juwelen maar daarenboven zelfs een lichtblauwe Cadillac ten geschenke gaf. Na het overlijden van Elvis toerde de groep onder meer nog met The Bee Gees tijdens hun Amerikaanse tournee. Daarna werd het stil rond The Sweet Inspirations tot ze in 1994 uit hun as herrezen en terug gingen optreden met het nieuwe groeplid Portia Griffin (ter vervanging van Cissy Houston).

Het laatste decennium was Myrna Smith met The Sweet Inpirations vaak in Europa te bewonderen. Meestal traden ze samen op met de TCB Band (Elvis' vaste begeleidingsgroep olv James Burton). Bovenstaande foto maakte ik in 2006 in Eindhoven, tijdens een handtekeningsessie na hun concert. Op zo'n momenten was Myrna de vriendelijkheid zelve. We zullen haar missen. (Zie ook: video)

Shake

donderdag, december 16, 2010

Masterclass met James Burton volstrekt uniek

"Play it, James" was het afgesproken sein waarop leadgitarist James Burton, tijdens de meer dan duizend concerten die hij aan de zijde van Elvis Presley stond, wist uit te pakken met één van zijn sublieme gitaarsolo's. De naam van deze supergitarist zal dan ook ten allen tijde verbonden blijven met The King of Rock'n'Roll. Maar Burton was en is nog steeds veel meer dan enkel de sidekick van Presley. Meer zelfs, we kunnen ons niet meteen een andere gitarist voor de geest halen die met zovele grootheden uit de muziekgeschiedenis heeft samengespeeld en/of opgenomen. Ricky Nelson, Johnny Cash, Frank Sinatra, Gram Parsons, Roy Orbison, Bruce Springsteen, Emmylou Harris, Jerry Lee Lewis, John Denver, The Monkees, Elvis Costello, Joni Mitchell, Merle Haggard, ... het zijn maar enkele indrukwekkende namen van een haast eindeloze lijst artiesten waarmee James Burton ooit samenwerkte.

De "masterclass" georganiseerd door het Antwerpse Toneelhuis waarin James Burton een avond lang centraal stond dekte qua concept en benaming dan ook volledig de lading. Als opening van de reeks 'Soirées Olympique' markeerde deze eerste avond meteen het eerste schot in de roos en maakt het ons benieuwd naar het verdere verloop van deze ontmoetingen met muzikale inslag.

Het eerste deel van de avond bestond uit een gezellig onderonsje tussen James Burton, journalist Marc Didden, zanger-gitarist Geert Hellings (Stanton) en acteur Ben Segers. Alleen Didden had zijn gitaar niet meegebracht, logisch want hij is in tegenstaande tot de andere drie immers zelf geen gitarist. De vragenronde, geleid door Didden, leverde het publiek niet alleen meer info op over de lange carrière van Mister Burton, maar bracht ons tevens enig inzicht in 's man fameuze chicken pickin' gitaartechniek. Eén en ander werd door de meester zelve ter plekke gedemonstreerd. Verbazend om te zien hoe James de ene na de andere klassieke solo met het grootste gemak uit zijn mouw schudde, terwijl dezelfde gitaarpartijen voor de aanwezige 'leerling'gitaristen net een vrij zware opgave bleken te zijn. Op Didden's vraag wat we nu eigenlijk moesten denken over Gibson en Fender gitaren antwoordde James Burton laconiek dat dit enkel betekende dat er nu eenmaal 'lots of guitars' in de wereld zijn.

Na de pauze volgde het eigenlijke concert van Burton met zijn Hollandse gelegenheidsband Mufkin Tass. Met deze groep trok de legendarische gitarist in het voorjaar door Nederland wat ervoor zorgde dat één en ander reeds voldoende ingespeeld was. Mufkin Tass, dat dit jaar het debuutalbum 'Live And Love Between Passion And Persistence' uitbracht, kunnen we misschien het best omschrijven als een rootsy country-neder-pop-rock septet onder leiding van de tweelingsbroertjes Mark en Ralph Schraven. Stel je Tom Petty en zijn heartbreakers voor onder een vette laag kaasfondue en je komt aardig in de buurt van wat je je hierbij moet voorstellen.

De playlist bestond uit bekende en minder bekende songs waarop James Burton ooit zijn stempel had gedrukt. Een logisch startmoment was dan ook 'Suzie Q', de Dale Hawkins song die vooral bekendheid geniet omwille van de onsterfelijke catchy gitaarriff bedacht door -jawel- James Burton zelve. Nog zo'n onweerstaanbare klassieker waarin James het mooie weer maakte luistert naar de naam 'Hello, Mary Lou' en kennen we vooral van de Ricky Nelson versie uit 1961. De vertolking van deze hits door Mufkin Tass bood gelukkig voldoende ruimte voor Burton om uit te pakken met meesterlijk gitaarwerk op zijn vlammende signature Fender Telecaster.

In het minder bekende 'Brand New Dance', origineel een duet tussen June Carter en Johnny Cash, bleef James bijdrage vrij beperkt. Dat was ook het geval bij 'Love Hurts' in de versie van Emmylou Harris. Neen, dan klonk 'Mama Tried' (Merle Haggard) een stuk spannender, net als het van Elvis' bekende 'Burning Love', een song die Burton honderden keren moet gespeeld hebben.

Verder hoogtepunten waren onder meer het huppelende 'Ooh, Las Vegas' (Emmylou H.), het crountryvolle 'Boulder to Birmingham' (Gram Parsons), de oer-rocker 'Johnny B Goode' en het nagespeelde verschroeiende gitaarduel in 'Pretty Woman' in de versie van het 'Black & White Night' live video/album van Roy Orbison.

Na nog meer dan een handvol klassiekers en met Jerry Lee Lewis' 'Whole Lotta Shakin' Goin' On' aan de staart van deze indrukwekkende reeks wereldklassiekers, groette de 71-jarige gitaarheld minzaam als altijd samen met de zeven leden van Mufkin Tass het enthousiaste publiek. Van geen enkele 'masterclass' - in welke discipline dan ook - hebben we meer genoten als van deze.

James Burton heeft nu reeds, bij leven en welzijn, een standbeeld in zijn woonplaats Shreveport, Louisiana en dat mag niet verwonderlijk heten. Deze 'Master of the Telecaster' blijft volstrekt uniek en zal zonder enige twijfel de muziekgeschiedenis ingaan als één van de meest invloedrijke gitaristen van de twintigste eeuw. Een avond met een muzikant van dit niveau mogen meemaken blijft telkens weer onuitwisbaar. Thanks a lot, James!
(Meer foto's)