vrijdag, juli 11, 2008

Leonard Cohen in Brugge: de minzaamheid van de zenmeester

‘I didn’t come to Bruges to fool yah’ zong Leonard Cohen tijdens ‘Hallelujah’ bij het Minnewater en deze oneliner vat zijn concert van gisteren perfect samen. De Canadees bracht een droomsetlist van maar liefst 24 songs, die door zijn 8-koppige band met bijzonder veel zorg werden uitgevoerd. Ik moet zeggen dat ik heel erg had uitgekeken naar dit concert in Brugge. Bijna een kwarteeuw geleden, in 1985 om precies te zijn, zag ik de man reeds aan het werk in het Brusselse Paleis van Schone Kunsten. Cohen paste toen totaal niet in het muzikaal tijdsgewricht, waarin groepen als U2 en Simple Minds de lakens uitdeelden. De zanger werd in die dagen door bladen als Humo afgedaan als een onverbeterlijke zeurpiet, een oude treurwilg waar alleen ziekelijke pessimisten of depressievelingen hun dagen mee wilden slijten. Toch was ik gaan kijken en het concert had een diepe indruk op me gemaakt. De man kleurde zo buiten de lijntjes (cfr. de orchestratie van ‘Dance Me To The End Of Love’ op zijn toen pas uitgebrachte plaat ‘Various Positions’) dat ik dit optreden heel bijzonder had gevonden. Een drietal jaren later verscheen ‘I’m Your Man’ en werd Cohen plots terug hip. En dat is hij tot op de dag van vandaag gebleven. Bewijze daarvan was het publiek van gisteren dat uit alle leeftijden bestond. Een kuifjespubliek zeg maar: van 7 tot 77 jaar. Voor het concert hadden we, toeval bestaat niet, de weg naar de ingang van het park verloren. Verdwaald in de Brugse achtersteegjes kregen we Leonard Cohen plots binnen ons gezichtsveld. Hij liep, omringd door een paar bodyguards, richting artiesteningang. Zijn blik had de mijne gekruist. Hij glimlachte minzaam als een oude monnik, de dingen groetend, op weg naar het altaar. Daarna regende het ongeveer een uur lang alle tranen uit de hemel. We hadden nog geprobeerd vlug een croque monsieur te eten op een Brugs terras, maar dat kon niet. Niet voor 18u00, Meneer. Fuckin’ Bruges…Om 19u00 zorgde Martha Wainwright voor het voorprogramma. Martha is de dochter van haar vader. Daarmee is niet alles, maar toch veel gezegd. Om 20.20u begon Leonard aan zijn concert met, ja, ‘Dance Me To The End Of Love’. Er werd meteen een sacrale toon gezet. We waanden ons op een joods oogstfeest. Veel van Cohens liederen werden gezongen alsof het gebeden waren, met volle aandacht voor elk woord en elke letter in dat woord. Geheel en Al Zen. Cohen zong vaak met de ogen toegeknepen, zijn vuisten gebald, zijn hoofd lichtjes naar de hemel of naar de aarde gericht. En wij luisterden naar zijn mantra’s en keken naar zijn offergaven en voelden ons voldaan en even volmaak gelukkig. Cohen introduceerde keer op keer zijn bandleden en nam er respectvol zijn hoed voor af, terwijl hij telkens een zachte buiging maakte. De minzaamheid van de zenmeester. Zijn schitterende band stond op hun beurt volledig ten dienste van de hoofdman. Over elke muzikant vallen (mooie) dingen te zeggen, maar een speciale vermelding dient hier toch gegeven te worden aan de achtergrondzangeressen, met Sharon Robinson als meest opvallende lid. Deze zwarte nachtegaal schreef mee aan songs als ‘Everybody Knows’ en ‘Waiting for the Miracle’ en zingt ook mee op Cohens laatste platen. Ik heb sinds The Sweet Inspirations geen betere backinggroep gehoord. Hoogtepunten uit dit sublieme concert opsommen is onbegonnen werk. Ik waag er me dan ook niet aan. Hopelijk verschijnt er van deze tour een live-cd en kan iedereen voor zichzelf oordelen. Na afloop bedankte Cohen het publiek. Niet alleen omdat men naar hem was komen luisteren, maar ook om de aandacht die de mensen doorheen de jaren voor zijn (Tower of) songs hadden getoond. Stijl & Klasse. De oprechtheid van deze woorden ontroerden diep en zullen nooit vergeten worden. (Meer foto’s hier)

3 opmerkingen:

The Clumsy Chef zei

Morgen naar Amsterdam... één extraatje aan de playlist - Famous Blue Raincoat- en het wordt de perfecte avond.

Frog zei

Klopt, het is ook mijn lievelingsnummer. Maar ik klaag niet.

Anoniem zei

Inderdaad moet goed geweest zijn en ja stijl en klasse dieje mens
Gary